De Slak 1-2

Veldkist De Slak is voor groep 1-2.

Jouw kleuters gaan m.b.v. handpoppen eerst kennismaken met Hidde de huisjesslak en Nynke de naaktslak. Daarna gaan jullie lekker naar buiten en een slakkenbak inrichten, slakken zoeken en in 3 groepjes natuuropdrachten doen zoals een blotenvoetenpad.

Al het materiaal zit in de mooi beschilderde veldkist. Goed voor minstens een ochtend slakkenplezier.

 

Duurzame ontwikkelingsdoelen

15 leven op het land4. Kwaliteitsonderwijs

Moestuinieren

Hebben jullie een schooltuin of wil je met jouw klas moestuinieren op school? Maar zijn jouw vingers niet zo groen en kun je wel wat hulp gebruiken? Met hulp van het programma Jong Leren Eten zijn Friese Moestuincoaches opgeleid die klaarstaan om je te helpen.

Voor De Klyster zijn Bertus en Jurjen inzetbaar. Zij zijn gecertificeerd moestuincoach en helpen jullie graag. Moestuinadviseur Joanneke Romkema begeleidt jouw school bij het aanvragen van subsidies en geeft voorlichting aan het team en de ouders. Zij maakt ook een plan over continuïteit en borging.

In de schooltuin als praktische omgeving leren kinderen actief en in de buitenlucht over voedselproductie, natuur, biodiversiteit, klimaat en water. Maar ook de basisvaardigheden zoals rekenen en taal komen aan bod. In bronnen over natuur- en duurzaamheidseducatie komt de waarde en de toepassing van schooltuinen terug. 

De Klyster werkt in dit project nauw samen met IVN, Jong Leren Eten, Alliantie Schooltuinen

Overige informatie

Het ministerie van LNV en VWS heeft een programma met de naam "Jong Leren Eten". Doel is om kinderen gezonde en duurzame keuzes te laten maken op het gebied van voeding. LET OP: Dit project ontvangt gemeentelijke subsidie. Scholen tekenen een moestuincontract samen met de moestuincoach en doen van april tot de herfstvakantie. Groep 6 start met zaaien in april en na de vakantie oogsten dezelfde kinderen die dan in groep 7 zitten voor de herfstvakantie van het zelfde kalenderjaar.

Duurzame ontwikkelingsdoelen

03 goede gezondheid en welzijn12 verantwoorde consumptie en productie15 leven op het land

De tuin met Stip

In leskist De tuin met Stip spelen lieveheersbeestje Stip en zijn tuinvriendjes kikker, slak, egel, merel, bij en vlinder de hoofdrol. Ze wonen in een betegelde tuin. En o jee, daar is bijna geen eten te vinden, er is weinig water en het is er heel erg warm.

Jouw leerlingen leren Stip en zijn vriendjes kennen aan de hand van het prentenboek De Tuin met Stip.
Daarna gaan jullie op zoek naar insecten en kleine beestjes en onderzoeken of het rond school een fijne leefomgeving is voor Stip en zijn vriendjes.

Uiteindelijk leren de kinderen dat alle beestjes groot en klein een groene leefomgeving nodig hebben en gaan ze met hun eigen minituintje aan de slag met het vergroenen van hun eigen tuin en schoolplein.

 

Extra: bij deze leskist kan een gastles worden geboekt. Neem hiervoor contact op met De Klyster.

Duurzame ontwikkelingsdoelen

15 leven op het land

VOGELS: Vogels in de winter 1-2

De leskist Vogels in de winter groep 1-2 gaat over huis-, tuin- en keukenvogeltjes die in de winter wel een beetje extra voedsel kunnen gebruiken. De kinderen gaan zelf vetbollen maken, pindasnoeren rijgen en voer strooien in een echt vogelhuisje. In de klas worden vogels geobserveerd in een vogelkijkhut en gespeeld met een houten vogelhuisje met vilten vogeltjes. In de buitenles gaan de kinderen op zoek naar (nep)vogels.

Maak samen met je kleuters kennis met: roodborstje, koolmees, pimpelmees, merel en andere vogelvrienden die vlakbij je in de buurt wonen. Leuk om ze te leren kennen en verwennen!

Duurzame ontwikkelingsdoelen

15 leven op het land

Vogels in de winter 3-4

De leskist Vogels in de winter gaat over huis-, tuin- en keukenvogeltjes die in de winter wel een beetje extra voedsel kunnen gebruiken.

Je krijgt een vogelvoederhuisje te leen met vogelvoer. En met behulp van het materiaal uit de leskist gaan jouw leerlingen vetbollen maken en pinda’s rijgen voor de vogels. In de vogelkijkhut voor in de klas kunnen de kinderen de vogels “begluren”.

Natuurlijk gaan jullie ook naar buiten op zoek naar echte vogels en verstopvogels (plaatjes van vogels die je van te voren hebt verstopt).

Om de vogels van dichtbij goed te kunnen bekijken zitten er levensechte houten vogels in de leskist.

 

 

 

In deze leskist zit veel verbruikersmateriaal zoals pinda’s, strooivoer en vet, dit mag je gewoon gebruiken. Na afloop vult De Klyster weer aan en brengt het gebruikte materiaal in rekening.

Duurzame ontwikkelingsdoelen

15 leven op het land

Jonge Eendjes

De leskist Jonge eendjes gaat over de wilde eend. Zodra het in maart een beetje lekker weer begint te worden krijgen onze eenden alweer de kriebels. Ze letten nergens meer op, alleen maar op elkaar. Regelmatig moet je dan ook bovenop de rem staan. Eenden zie je overal: in het weiland, in de stad, in de sloot en in de vijver. Ze zijn groot en niet zo schuw, sommige stêdsjers zijn zelfs helemaal niet bang en een beetje brutaal. Ze snateren, kwaken, staan op hun kop in het water en zijn gek op ons oude brood.

Maar het leukste en schattigste zijn toch wel de jonge eendenkuikens. Dit alles maakt dat “de eend” gewoon een beetje bij ons hoort. Maar hoe ziet de dag van een eend eruit? Waar woont de eend. Welke kleuren heeft een eend. Hoe groeien jonge eendjes op? De kinderen ontdekken het zelf met deze geweldig leuke leskist.

 

In de kist zit o.a. een opgezet eendje om te aaien.

 

 

Duurzame ontwikkelingsdoelen

15 leven op het land

Knoeien met grond 7-8

Deze  leskist gaat over wat zich onder onze voeten bevindt. Wat kom je tegen als je steeds dieper en dieper graaft? Jouw leerlingen gaan net als Jules Verne naar het middelpunt van de aarde.

Buiten maken je leerlingen met behulp van de grondboor een meterdiep bodemprofiel. Jullie zullen verrast zijn door alle mooi gekleurde grondlagen die je tegenkomt. De bovenste laag wordt extra bestudeerd. Wat leeft in deze vruchtbare toplaag? De bodemdiertjes worden verzameld in een terrarium. Met hulp van identificatievragen ontdekken jullie hoe het diertje heet.

Tot slot maken de kinderen een fotoshoot met hun diertje en worden alle gegevens verwerkt in een presentatie of een muurposter.

Duurzame ontwikkelingsdoelen

15 leven op het land

Bramen

Bramen groeien in het wild aan een stekelstruik en de rijpe blauwzwarte bramen zien er niet alleen voor dieren maar ook voor ons heerlijk uit!

Bramen zijn familie van de aardbei en echt zomerfruit. In de leskist Bramen zit alles wat je nodig hebt om met je groep bramen te plukken. Al doende leren jouw leerlingen alles over bramen: waar en wanneer ze groeien en welke dieren bramen ook heel lekker vinden. De plukstokken zorgen dat je leerlingen bramen kunnen plukken, zonder helemaal onder de schrammen te komen.

Terug in de klas gaan jullie bramenjam of -sap maken. Alles wat daarvoor nodig is zit in de leskist.

Gegarandeerd succes én de voortzetting van een mooie traditie uit deze streek.

Duurzame ontwikkelingsdoelen

12 verantwoorde consumptie en productie15 leven op het land

De Paardenbloem

De leskist De Paardenbloem gaat over een zwaar ondergewaardeerde wilde plant, de paardenbloem. Jouw leerlingen gaan buiten aan de slag met een doe-blad en komen zo van alles te weten over deze opvallende gele bloemen.

De paardenbloem is heel belangrijk voor insecten en de paardenbloem is een bodemverbeteraar en katalysator voor de biodiversiteit. Een hele ontdekking die er voor zal zorgen dat dit plantje de waardering krijgt die het verdient.

Je leerlingen moeten ook paardenbloemen plukken, want terug in de klas gaan jullie zelf paardenbloemsiroop maken. Hoe zou dit smaken? Daarna wordt geknutseld met de paardenbloem.

Alles wat je nodig hebt, o.a. kookplaatje en panne, zit in deze kunstig beschilderde leskist.

Duurzame ontwikkelingsdoelen

15 leven op het land

De Zeehond

Deze leskist gaat over misschien wel het schattigste dier van de zee, de Zeehond. Twee zeehondenpups nemen jouw leerlingen mee op reis door deze leskist.

Onderweg ontdekken jouw leerling waarom de zeehond van die grote ogen en lange snorharen heeft. En ook waar de zeehond zich het meest op zijn gemak voelt en wat hij eet. Natuurlijk komen ook de gevaren voor de zeehond aan de orde.

Op hun zeehondenreis ontdekt jouw groep in de klas het Waddengebied. Alle zintuigen worden ingezet.

De zeehondenpups, het prentenboek en het bekijken, voelen en proeven van de spullen met behulp van de voel- en leskist staan garant voor een aantal indrukwekkende lesmomenten.

Duurzame ontwikkelingsdoelen

14 leven in het water15 leven op het land